Historie

U kunt ook informatie vinden over de geschiedenis van Abcoude en Baambrugge op de website van de Historische Kring.

De tekst voor de pagina’s over de geschiedenis van Baambrugge is beschikbaar gesteld door Ton Steenhof.
Baambrugge vanaf ca. 200 voor onze jaartelling

Omgeving

Er was hier een bosrijke omgeving. (Het woud van Ongenade ofwel Woud zonder Genade)
Dat hier een bos was merk je aan het boven de grond komen van bomen. Deze worden door het veen omhoog geduwd. Enkele jaren geleden heb je dat kunnen zien in de Lange Coupure. Daar lagen toen enkele boomstammen.
Bij opgravingen in het gebied van de Prins Johan Frisostraat zijn restanten gevonden die aanwijzen dat er zo’n 2.200 jaar geleden al bewoning was in dit gebied.
Evenwijdig aan de Angsteloever werd een rij van elf palen gevonden, als overblijfsel van een oeverversterking. Uit de vondsten is gebleken dat het hier een belangrijke nederzetting was uit de Voorromeinse IJzertijd Je praat dan over 400 tot 200 jaar vóór Christus.
Tevens is vast komen te staan dat er ca. 2000 jaar vóór Christus steuren zwommen in de Angstel. Deze vissen kunnen wel 6 meter lang worden.
De mensen die hier toen woonden waren voornamelijk veeboeren.
Gedurende de eerste eeuwen van onze jaartelling schijnt deze streek niet bewoond geweest te zijn. Omstreeks de 9e en 10e eeuw komen er weer mensen.

De dertiende penning

 

De bisschop van Utrecht wilde deze streek ontginnen omdat je aan braakliggende gronden niets hebt. Door een onopgehelderde oorzaak is er in de 11e eeuw een enorme bevolkingstoename geweest. Al deze mensen moesten eten en wonen. De bisschop gaf toen grond uit aan hen die hem politiek goed gezind waren. Bezitters van land waren altijd belangrijke en invloedrijke personen. Indien zij grond verkochten moesten de kopers daarvan een deel aan de bisschop betalen:
een Dertiende Penning ofwel een dertiende deel van de koopprijs van de grond. Dit recht komt alleen voor in een gedeelte van de provincie Utrecht. Deze Dertiende Penning wordt in 2015 afgeschaft.
Voor de verkoop van de grond moest altijd toestemming gevraagd worden aan de bisschop. Hij wilde niet iedereen als grond eigenaar hebben. Later kon de bisschop zijn organisatie niet meer aan en stichtte “Kapittels”. Deze Kapittels hadden als taak het beheren van kerken en goederen. Een deel van de huidige gemeente behoorde bij het “Kapittel van Sint Pieter.” Aan het hoofd stond een “Proost”. Één van deze Proosten was de Heer van Abcoude.
Dat waren over het algemeen GEEN edelen. Halverwege de 15e eeuw kregen de bisschoppen weer meer macht maar in de 16e eeuw moesten de Proosten en de bisschop hun wereldlijke macht afstaan aan Karel V.